4 ECTS credits
110 u studietijd
Aanbieding 1 met studiegidsnummer 1008077BNR voor alle studenten in het 2e semester met een verdiepend bachelor niveau.
Als basismateriaalsoorten worden de metalen, de keramische materialen en de polymeren besproken. Hierbij wordt vertrokken vanuit de atomaire opbouw van de elementen, met de elektronconfiguratie als belangrijk kenmerk waaruit verschillende bindingstypes kunnen resulteren tussen atomen van een of meerdere elementen om een vaste stof te vormen. De mogelijke atomaire stapeling en ordening, evenals de moleculaire specifiek voor de polymeren, resulteert in amorfe (bij keramische materialen en polymeren), kristallijne (bij metalen en keramische materialen) of semikristallijne (bij polymeren) vaste stoffen.
Uitgaande van de kennis en inzichten betreffende de structuurkenmerken van de verschillende materiaalsoorten worden de resulterende eigenschappen uitgelegd. Enerzijds betreft dit de mechanische eigenschappen, waarbij het elastische en het plastische vervormingsgedrag centraal staan. De resulterende waardes voor de mechanische eigenschappen worden ook experimenteel voor verschillende materialen tijdens de probleemgestuurde practica gemeten en besproken. Anderzijds worden enkele belangrijke functionele eigenschappen bijgebracht: corrosie/degradatie en het mechanische falen in het kader van de duurzaamheid van de materialen, en verder de optische, de elektrische, de thermische en de magnetische eigenschappen.
Het concept van composieten, waarbij meerdere materiaalsoorten en -vormen omwille van de complementaire eigenschappen zijn gecombineerd, wordt tevens besproken.
Het praktisch deel van de cursus omvat een probleemgestuurd project, dat jaarlijk wordt aangepast. In groep wordt een onderzoeksvraag behandeld op basis van literatuur en praktische experimenten op materialen in de labo's van VUB. De resultaten van het projecten worden beschreven en besproken in een verslag en een presentatie voor gans de groep. Tijdens deze presentatie krijgen de studenten de kans hun project voor te stellen en vragen te beantwoorden van de lesgevers en medestudenten.
De lessen worden life gedoceerd en de inhoud moet gekend zijn. Tijdens de lessen wordt gebruik gemaakt van slides (in het Nederlands) waarop de student zelf bijkomende nota's kan maken; de slides zijn gebaseerd op onderstaand handboek:
W.D.Callister, Jr. “Materials Science and Engineering”, 10de Editie, J.Wiley&Sons Inc, 2020.
Dit opleidingsonderdeel heeft als doelstelling kennis en inzicht over de soorten materialen en hun eigenschappen bij te brengen. Dit opleidingsonderdeel vormt een essentiële basis voor de ingenieurs, die ongeacht de professionele sector waarin ze worden tewerkgesteld, kennis en inzichten in materialen zullen moeten toepassen.
Het begrijpen en kunnen uitleggen van de relatie tussen de structuur van de materialen en hun eigenschappen - zowel de mechanische als enkele functionele eigenschappen - is een cruciale eindcompetentie voor de student.
Aan de hoorcolleges zijn probleemgestuurde practica sessies gekoppeld, waarin de theoretische kennis en de inzichten worden getoetst en toegepast. In teamverband worden projectopdrachten uitgewerkt en aan de medestudenten gepresenteerd. Het kunnen werken in groep zowel voor opzoeking, experimenteel werk, schriftelijke evenals mondelinge presentatie worden hierbij als vaardigheden aangescherpt. Ondanks het teamwerk komen alle studenten ook als individu aan bod, onder andere wordt dit expleciet gestimuleerd tijdens de vragenronde volgend op de presentatie. De overdracht van kennis en inzichten tussen peers wordt gestimuleerd door per team andere opdrachten en verschillende focuspunten te formuleren.
In het verslag en de presentatie wordt ook gevraagd een kritisch oordeel over de bestudeerde toepassing, de gevolgde werkwijze en het resultaat op te nemen, en mogelijks alternatieve, betere en/of creatievere oplossingen te bedenken.
De beoordeling bestaat uit volgende opdrachtcategorieën:
Examen Mondeling bepaalt 67% van het eindcijfer
WPO Groepswerk bepaalt 33% van het eindcijfer
Binnen de categorie Examen Mondeling dient men volgende opdrachten af te werken:
Binnen de categorie WPO Groepswerk dient men volgende opdrachten af te werken:
Er is een examen dat bestaat uit twee luiken, die worden afgenomen op dezelfde dag:
- het eerste luik heeft betrekking op de materie gedoceerd door Iris De Graeve en telt mee voor 2/3 van de examenscore.
- het tweede luik gaat over de materie gedoceerd door Tom Hauffman en telt mee voor 1/3 van de examenscore.
De examenscore bepaalt 2/3 van het globale eindcijfer.
De quotering op de practica is gebaseerd op inzet (waarvan een deel gaat naar persoonlijke inzet), presentatie (dit betreft de presentatie van het project in groep maar waar ook gekeken wordt naar de individuele bijdrage van de student tijdens deze presentatie en de daarop volgende vragenronde) en schriftelijke verslaggeving, en bepaalt 1/3 van het globale eindcijfer.
De student dient een globaal eindcijfer van minstens 10/20 te behalen, met op elk onderdeel apart (examen bij I. De Graeve, examen bij T. Hauffman, practica) minstens een score van 7/20, om te kunnen slagen. Indien de student een score lager dan 7/20 behaalt op één van de delen van het examen wordt de laagste score het totaal van het examen.
Er worden geen vrijstellingen op aparte delen toegekend.
Het examen is mondeling, met schriftelijke (gesloten boek!) voorbereiding. Op basis van wat de student wel of niet heeft opgeschreven, wordt de mondelinge ondervraging gestart. In geval van overmacht zal het examen (deels) schriftelijk worden georganiseerd; de studenten zullen hiervan dan verwittigd worden.
Bij de voorbereiding (opzoekwerk) en voor het verslag van het project is het gebruik van Generative AI (GAI)-tools toegestaan, zolang de "AI-richtlijnen voor studenten" strikt worden nageleefd. We kunnen toelaten dat GAI wordt gebruikt om betere formuleringen te vinden voor in het verslag, maar het gebruik ervan MOET gemeld worden in het verslag en de studenten moeten kritisch omgaan met de informatie. Bij voorkeur lezen we originele tekst van de studenten en niet van GAI. Daarenboven, er zal streng toegekeken worden op verkeerd gebruik van wetenschappelijke termen en schrijffouten, waarvoor de studenten en niet GAI verantwoordelijk zijn. Voor de interpretatie van de resultaten, de presentatie van de data in grafieken en tekst, de discussie van de resultaten en conclusies die volgen uit de experimentele resultaten, kan geen GAI gebruikt worden. Bijgevolg zullen de scores op deze aspecten doorwegen in de finale score van het groepsgedeelte van het practicum.
Deze aanbieding maakt deel uit van de volgende studieplannen:
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: werktuigkunde-elektrotechniek
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: bouwkunde
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: chemie en materialen
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: elektronica en informatietechnologie
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: elektronica en informatietechnologie Profiel profiel computerwetenschappen
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: verkort traject chemie en materialen na vooropleiding chemie
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: verkort traject chemie en materialen na vooropleiding bio-ingenieur
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: Startplan
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: biomedische ingenieurstechnieken
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: architectuur: Standaard traject
Bachelor in de ingenieurswetenschappen: architectuur: Verkort traject
Bachelor in de fysica en de sterrenkunde: Standaard traject
Voorbereidingsprogramma Master of Science in Biomedical Engineering: Standaard traject (enkel aangeboden in het Engels)
Voorbereidingsprogramma Master of Science in Biomedical Engineering: Bachelor en Master geneesk & biomed wet (enkel aangeboden in het Engels)