6 ECTS credits
180 u studietijd
Aanbieding 1 met studiegidsnummer 4022390ENR voor alle studenten in het 2e semester met een verdiepend master niveau.
Pedagogiek en didactiek
In deze leerlijn krijgen de studenten algemene kaders die ze kunnen inzetten om een positief en inclusief leer- en leefklimaat te creëren in de klas en op school. Twee rollen worden hierbij beklemtoond: de leraar als opvoeder (positief en diversiteitssensitief klasklimaat creëren, aandacht voor inclusie, universeel ontwerp en differentiatie, brede basiszorg en gelijke onderwijskansen, emancipatie en individuele ontplooiing tijdens de adolescentie bevorderen) en de leraar als organisator (preventief en reactief klasmanagement, omgaan met probleemgedrag, gestructureerd en veilig werkklimaat creëren met duidelijke regels, afspraken en procedures). Naast algemene referentiekaders worden verschillende lessen aangeboden ter introductie op specifieke thema’s, bijvoorbeeld: meertaligheid, genderdiversiteit, polarisering en gewelddadige radicalisering, cultureel responsief onderwijs, ouderparticipatie, pesten, stress, drugpreventie, ‘sustainable development goals’, ontwikkelingsvoorsprong ... Welke thema’s er aan bod komen is afhankelijk van de beschikbaarheden van de experten die als gastsprekers worden uitgenodigd.
Domeinspecifieke STAM
Dit deel legt de focus op de vormgeving van vakgericht onderwijs door toepassing van pedagogische en didactische kaders rond differentiatie, groeigericht evalueren en taalgericht vakonderwijs. Verder wordt er ook aandacht besteed aan thema’s die bijdragen aan een positief en inclusief leer- en leefklimaat voor het vakdomein zoals dialogeren, de omgang met gevoelige thema’s, en ‘outdoor learning’. Deze thema’s worden zowel bestudeerd vanuit de stand van het vakdidactisch wetenschappelijk onderzoek, als vanuit de praktische implementatie in de klas.
Reflecterend en onderzoekend handelen
Tijdens een reflectiesessie in kleine groep analyseren de studenten de volledige complexiteit van de klaspraktijk. De sessies worden gestructureerd volgens het kader van GRROW-coaching. Studenten integreren in hun reflectie aangeboden referentiekaders die bijdragen tot het ontwerpen van een positief en inclusief leefklimaat (leerlijnen Pedagogiek en didactiek en vakdidactiek) en raadplegen zelfstandig wetenschappelijke bronnen om de reflectie te versterken. Studenten dragen tijdens de sessies actief bij tot de reflectie van medestudenten door coachingsvaardigheden toe te passen (bijv. betrokken confronteren, uitdagen en inspireren, toelaten en ruimte geven, ontspannen …). Opdrachten ter voor- en nazorg van de sessies worden opgenomen in het portfolio (bv. leervragen rond beroepspraktijk). Het portfolio is opgebouwd uit vier verschillende thema's: reflectievaardigheden, coachingsvaardigheden, visie en beroepscompetenties. De reflectie aan de hand van deze kaders geeft het persoonlijk ontwikkelingsplan vorm.
Opleidingsspecifieke leerresultaten
1, 2, 4, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 14, 16, 18, 19, 20, 22
Doelen
Pedagogiek en didactiek
De student geeft blijk van een open en leergierige ingesteldheid en een professionele attitude.
De student kan concrete casussen van klassituaties analyseren en interventies voorstellen om een positief en inclusief leefklimaat te creëren.
De student kan op basis van inzichten over klasmanagement interventies uitwerken die een doelgericht leer- en instructieproces garanderen.
De student kan voorwaarden en interventies uitwerken om problematisch gedrag te voorkomen en om ermee om te gaan als het zich stelt.
De student kan inspelen op diversiteit door zowel universeel ontwerp toe te passen als differentiatie naar interesse, leerstatus en leerprofiel.
De student kent het juridisch kader en grondrechten m.b.t. inclusief onderwijs en kan maatregelen binnen brede basiszorg uitwerken.
De student heeft inzicht in partnerschapsmodellen voor samenwerking met leerlingen en ouders/verzorgers waarin evenwaardige participatie wordt nagestreefd. Hierbij is aandacht voor het hanteren van een gepast taalregister en wordt de nodige taalondersteuning geboden om de samenwerking te bevorderen.
De student heeft zicht op (de werking van) hulpverlenende organisaties die in samenwerking met de school, leerlingen en ouders kunnen ondersteunen.
De student kan resultaten van onderwijsonderzoek gebruiken om de eigen onderwijspraktijk te versterken en vernieuwen.
Domeinspecifieke STAM
De student kan maatschappelijke debatten interpreteren, ter discussie stellen en aanpassen aan de eigen leeromgeving, met bijzondere aandacht voor de Brusselse grootstedelijke context.
De student kan wetenschappelijke kennis en inzichten omtrent een positief en zorgend leefklimaat identificeren en interpreteren en het gebruik ervan binnen het eigen vakdomein uitstippelen.
De student kan binnen het vakdomein uit relevante bronnen leerdoelstellingen, leerinhouden en werkvormen opsporen en destilleren die aanzetten tot inspraak, participatie en samenwerking.
De student kan bij het ontwerpen van lesvoorbereidingen binnen het vakdomein verschillende modellen van evaluatie vergelijken en overwegen.
De student kan technieken van taalgericht vakonderwijs relateren aan het lesontwerp, hierover rapporteren en waar nodig differentiëren.
De student kan binnen het vakdomein een positieve interactie tussen leerlingen initiëren, verbondenheid en competentiegevoel bedenken en opzetten met het oog op het optimaliseren van het leren van elke leerling.
Reflecterend en onderzoekend handelen
De student geeft blijk van een open en leergierige ingesteldheid en een professionele attitude.
De student kan het eigen functioneren op een (zelf)kritische manier ter discussie stellen, bijsturen en erover rapporteren.
De student kan zich informeren over en discreet omgaan met gegevens over de leerling.
De student kan concrete sterktes en werkpunten formuleren en beargumenteren m.b.t. de eigen reflectie- en coachingsvaardigheden.
De student kan leervragen identificeren in een authentieke onderwijsomgeving en deze delen met collega's.
De student kan een eigen ervaring uit de onderwijspraktijk op een systematische manier analyseren vanuit verschillende perspectieven.
De student kan zijn eigen onderwijspraktijk toetsen aan pedagogisch-didactische en vakdidactische inzichten met betrekking tot het creëren van een positief en inclusief leefklimaat.
De student kan interne krachtbronnen identificeren.
De student kan aan de hand van aangereikte referentiekaders actief zoeken naar oplossingen om zijn/haar onderwijspraktijk te versterken.
De student kan concrete vervolgstappen formuleren om zijn/haar eigen onderwijspraktijk te versterken.
De student kan de gegeven feedback met betrekking tot het leren coachen constructief integreren in de coaching.
De student levert een constructieve bijdrage aan het leerproces van anderen door gevorderde en klimaatbevorderende coachingsvaardigheden toe te passen (betrokken confronteren, uitdagen, inspireren, toelaten en ruimte geven, ontspannen).
De beoordeling bestaat uit volgende opdrachtcategorieën:
Examen Mondeling bepaalt 100% van het eindcijfer
Binnen de categorie Examen Mondeling dient men volgende opdrachten af te werken:
Deze aanbieding maakt deel uit van de volgende studieplannen:
Educatieve master in de maatschappijwetenschappen: communicatiewetenschappen (90 ECTS, Etterbeek)
Educatieve master in de maatschappijwetenschappen: politieke wetenschappen en sociologie (90 ECTS, Etterbeek)
Educatieve master in de maatschappijwetenschappen: criminologische wetenschappen (90 ECTS, Etterbeek)
Educatieve master in de maatschappijwetenschappen: Verkort traject (na master) Etterbeek (60 ECTS)
Educatieve master in de maatschappijwetenschappen: Verkort traject (na master) Anderlecht (60 ECTS)