3 ECTS credits
90 u studietijd

Aanbieding 1 met studiegidsnummer 4024270ENR voor alle studenten in het 2e semester met een verdiepend master niveau.

Semester
2e semester
Inschrijving onder examencontract
Niet mogelijk
Beoordelingsvoet
Beoordeling (0 tot 20)
2e zittijd mogelijk
Ja
Onderwijstaal
Nederlands
Faculteit
Faculteit Wetenschappen en Bio-ingenieurswetensch.
Verantwoordelijke vakgroep
Bio-ingenieurswetenschappen
Onderwijsteam
Ronnie Willaert (titularis)
Onderdelen en contacturen
14 contacturen Hoorcollege
18 contacturen Werkvormen en Praktische Oef.
37 contacturen Zelfwerk en -studie
Inhoud

Het opleidingsdeel bestaat uit een hoorcollege (HOC) en een werkcollege (WPO).

HOC-gedeelte:

Probemicroscopie en in het bijzonder atomaire-krachtmicroscopie (“Atomic Force Microscopy” (AFM)) is een belangrijk instrument van de nanobiotechnoloog om biomoleculen en cellen te bestuderen en te manipuleren. De principes, apparatuur en methoden van probe-microscopie alsook de manipulatie van biomoleculen en cellen met behulp van probemicroscopie zal in deze cursus in detail besproken worden. De cursus is opgebouwd uit 7 hoofdstukken:

Hoofdstuk 1: Inleiding tot Scanning-Probe-Microscopie

Hoofdstuk 2: “Atomic Force Microscopy”-instrumentatie

Hoofdstuk 3: “Atomic Force Microscopy”-modes

Hoofdstuk 4: Celbeeldvorming

Hoofdstuk 5: Beeldvorming van enkelvoudige moleculen

Hoofdstuk 6: Krachtspectroscopie

Hoofdstuk 7: Moleculaire en cellulaire manipulatie m.b.v. probemicroscopie

WPO-gedeelte:

Voor het practicumgedeelte zullen de studenten opgeslitst worden in kleine groepjes waarbij projectjes zullen uitgevoerd worden. Per project zullen meerdere methoden gecombineerd worden. Voorbeeldtopics zijn: Plasmide-DNA isoleren uit een bacterie, bekijken met (hogesnelheids)-AFM en de data analyseren; de interactie van een DNA-bindend eiwit bestuderen m.b.v. (hogesnelheids)-AFM en de data analyseren; de self-assembly van peptiden/eiwitten bestuderen m.b.v. (hogesnelheids)-AFM en de data analyseren; DNA-origamistructuren ontwerpen, fabriceren en bekijken met AFM; het bestuderen van het effect van bepaalde antibiotica op de stijfheid (Young-modulus) van de celenvelop van levende bacteriën m.b.v. AFM, en de analyse van de data; het bestuderen van het effect van cytochalasin (invloed op actinecytoskelet) op de stijfheid (Young-modulus) van dierlijke cellen m.b.v. AFM en de analyse van de data.

Per groep zal een verslag geschreven worden waarin de bekomen beelden en data-analysen worden weergegeven en besproken.

Bijkomende info

n.v.t.

Leerresultaten

Algemene competenties

Cognitieve vaardigheden:

Reproduceren

- Het werkingsprincipe en de verschillende beeldvormingsmethoden weergeven.

- Het principe van krachtspectroscopie en adhesiemetingen weergeven.

- Typische staalvoorbereidingsmethoden voor biomoleculen en cellen weergeven.

- Weergeven van de inter- en intramoleculaire krachten die een rol spelen bij de nano-mechanische analyse m.b.v. AFM.

- De verschillende apparatuur en methoden die gebruikt worden om biomoleculen te manipuleren op micro/nano-schaal, weergeven.

Inzicht verwerven

- Het werkingsprincipe en de verschillende beeldvormingsmethoden uitleggen en beargumenteren.

- Het principe van krachtspectroscopie en adhesiemetingen uitleggen en beargumenteren.

- Typische staalvoorbereidingsmethoden voor biomoleculen en cellen uitleggen en beargumenteren.

- De inter- en intramoleculaire krachten die een rol spelen bij de nano-mechanische analyse m.b.v. AFM uitleggen.

- Practisch inzicht verwerven in de werking van de AFM voor beeldvorming en krachtspectroscopie via het practicum.

Psychomotorische vaardigheden:

Reflecteren

- De verschillende beeldvormingsmethoden met elkaar vergelijken.

- Typische staalvoorbereidingsmethoden voor biomoleculen en cellen met elkaar vergelijken.

- Krachtspectroscopie- en adhesiedata analyseren.

- De typische staalvoorbereidingsmethoden voor biomoleculen en cellen met elkaar vergelijken.

- De inter- en intramoleculaire krachten die een rol spelen bij de nano-mechanische analyse m.b.v. AFM analyseren.

Beoordelingsinformatie

De beoordeling bestaat uit volgende opdrachtcategorieën:
Examen Mondeling bepaalt 20% van het eindcijfer

Examen Schriftelijk bepaalt 60% van het eindcijfer

Examen Praktijk bepaalt 20% van het eindcijfer

Binnen de categorie Examen Mondeling dient men volgende opdrachten af te werken:

  • Mondeling examen met een wegingsfactor 20 en aldus 20% van het totale eindcijfer.

Binnen de categorie Examen Schriftelijk dient men volgende opdrachten af te werken:

  • Schriftelijk examen met een wegingsfactor 60 en aldus 60% van het totale eindcijfer.

Binnen de categorie Examen Praktijk dient men volgende opdrachten af te werken:

  • perm ev + rapport + presentati met een wegingsfactor 20 en aldus 20% van het totale eindcijfer.

Aanvullende info mbt evaluatie

Het examen van het HOC-deel bestaat uit een gescheiden schriftelijk en mondeling gedeelte. De set van vragen bestrijkt de gehele cursus, met nadruk op verbanden tussen verschillende processen, waardoor inzicht kan beoordeeld worden.

In het WPO-deel vindt er een algemene evaluatie plaats van elke student (initiatief, houding, praktische vaardigheden, vermogen om met instrumenten te werken) en het rapport wordt per groep geëvalueerd. Ook zal er een gezamenlijke presentatie worden gegeven waarbij vragen worden gesteld aan individuele studenten en waarbij differentiatie in cijfers mogelijk is.

Het schriftelijk en mondeling HOC-examen wordt terzelfde tijd ingericht en duurt maximaal 3 uur. Het mondeling examen vindt plaats in een nabij gelegen ander lokaal en duurt ongeveer 30 minuten. De student dient tijdens het mondeling examen de antwoorden op de vragen bondig schriftelijk weer te geven en mondeling toe te lichten.

Toegestane onvoldoende
Kijk in het aanvullend OER van je faculteit na of een toegestane onvoldoende mogelijk is voor dit opleidingsonderdeel.

Academische context

Deze aanbieding maakt deel uit van de volgende studieplannen:
Master in de bio-ingenieurswetenschappen: cel- en genbiotechnologie: medische biotechnologie
Master in de bio-ingenieurswetenschappen: cel- en genbiotechnologie: agrobiotechnologie
Master in de bio-ingenieurswetenschappen: cel- en genbiotechnologie: synthetische biotechnologie
Master in de bio-ingenieurswetenschappen: chemie en bioprocestechnologie: voedingsbiotechnologie
Master in de bio-ingenieurswetenschappen: chemie en bioprocestechnologie: duurzame chemische biotechnologie
Master in de bio-ingenieurswetenschappen: chemie en bioprocestechnologie: micro- en nanobiotechnologie