3 ECTS credits
90 u studietijd

Aanbieding 1 met studiegidsnummer 1024552BNR voor alle studenten in het 2e semester met een verdiepend bachelor niveau.

Semester
2e semester
Inschrijving onder examencontract
Niet mogelijk
Beoordelingsvoet
Beoordeling (0 tot 20)
2e zittijd mogelijk
Ja
Onderwijstaal
Nederlands
Onder samenwerkingsakkoord
Onder uitwisselingsakkoord mbt studiedelen
Faculteit
Faculteit Letteren en Wijsbegeerte
Verantwoordelijke vakgroep
Toegepaste Taalkunde
Externe partnerinstelling(en)
Erasmushogeschool Brussel
Onderwijsteam
Veerle VAN GIJSEGEM (titularis)
Onderdelen en contacturen
25 contacturen Hoorcollege
10 contacturen Werkvormen en Praktische Oef.
65 contacturen Zelfwerk en -studie
Inhoud

De cursus bestaat uit volgende onderdelen: 1. Inleiding recht 2. Internationale instellingen 3. Ondernemingsrecht.

De taal waarin een thema in de lessen behandeld wordt, is telkens aangegeven.

Inleiding recht (Nederlands en Frans)

In dit deel behandelen wij een aantal thema’s van grondwettelijk recht, burgerlijk recht en gerechtelijke recht:

• Definitie en nut van recht en normering (Nederlands)

• Rechtshandeling en rechtsfeit (Nederlands)

• Bronnen van het recht (Nederlands)

• Werking van de Belgische federale staat samengesteld uit gemeenschappen en gewesten (Frans)

• Organisatie en bevoegdheid van rechtbanken en hoven (Frans)

• Procedure in burgerlijke zaken (Frans)

• Bewijsmiddelen in burgerlijke zaken (Frans)

• Begrip persoon en de staat van de persoon (Nederlands)

• Bekwaamheid van de persoon (Nederlands)

• Bloed- en aanverwantschap (Frans)

• Huwelijk, wettelijke en feitelijke samenwoning (Frans)

• Huwelijksvermogensrecht (Frans)

• Verbintenissen uit overeenkomst (Nederlands)

• Benoemde overeenkomsten: koop, huur en aanneming (Nederlands)

• Verbintenissen uit onrechtmatige daad (Nederlands)

Internationale instellingen (Engels)

De EU komt uitgebreid aan bod.

De werking van enkele andere internationale instellingen (Raad van Europa, VN, NAVO) en hoven (Europees Hof voor de Rechten van de Mens, Internationaal gerechtshof van de VN en het Internationaal strafhof) worden bondig toegelicht.

Ondernemingsrecht (Nederlands en Frans)

• Begrip ondernemer en onderneming (Nederlands)

• Werking en bevoegdheden van de ondernemingsrechtbank (Nederlands)

• Bewijsmiddelen in het ondernemingsrecht (Nederlands)

• Vrijheid van ondernemen en algemene verplichtingen van de onderneming (Nederlands)

• Handelshuur (Nederlands)

• Vennootschapsrecht (Frans)

o Maatschap

o Besloten vennootschap

o Coöperatieve vennootschap

o Naamloze vennootschap

• Insolventiewetgeving (Nederlands)

De EU-instellingen in Brussel worden bezocht in het kader van het deel Internationale instellingen.

Studiemateriaal
Handboek (Vereist) : Handboek Inleiding recht en ondernemingsrecht, Veerle Van Gijsegem, Van In (laatste editie)
Digitaal cursusmateriaal (Vereist) : -slides -oefeningen/casussen -informatiebrochure: Europese Instellingen, websites internationale instellingen en hoven
Praktisch cursusmateriaal (Aanbevolen) : -informatiebrochure: Europese Instellingen, websites internationale instellingen en hoven
Bijkomende info

/

Leerresultaten

Matrix

Inleiding recht, internationale instellingen en ondernemingsrecht is bedoeld om studenten inzicht te geven in een aantal juridische regels en procedures zodat zij deze kunnen implementeren in hun professionele praktijk.

D1: Studenten kennen de bronnen van het recht
D2: Studenten kennen de structuur en instellingen van de Belgische federale staat samengesteld uit gemeenschappen en gewesten
D3: Studenten kennen de bevoegdheden van de verschillende rechtbanken en hoven

D4: Studenten kennen de elementen van de staat van de persoon
D5: Studenten kennen de juridische gevolgen van een huwelijk, wettelijke samenwoning en feitelijke samenwoning en kunnen deze kennis toepassen op eenvoudige praktijkgevallen

D6: Studenten kunnen de draagwijdte van verbintenissen uit overeenkomsten inschatten en kunnen deze kennis toepassen op eenvoudige praktijkgevallen

D7: Studenten kennen de verbintenissen en modaliteiten bij huur, koop en aanneming en kunnen deze kennis toepassen op eenvoudige praktijkgevallen

D8: Studenten kunnen de draagwijdte van verbintenissen uit onrechtmatige daad inschatten en kunnen deze kennis toepassen op eenvoudige praktijkgevallen

D9: Studenten kennen de procedure voor de rechtbanken en hoven in burgerlijke zaken met inbegrip van bewijsrecht
D10: Studenten kennen de structuur en de werking van een aantal internationale instellingen, met de nadruk op de EU, en kunnen deze kennis toepassen op eenvoudige praktijkgevallen

D11: Studenten kennen de wettelijke verplichtingen bij het opstarten van een onderneming
D12: Studenten kennen de bewijskracht van facturen en boekhoudingen

D13: Studenten kennen de verbintenissen en modaliteiten bij handelshuur en kunnen deze kennis toepassen op eenvoudige praktijkgevallen

D14: Studenten kennen de oprichtingsvoorwaarden en voor- en nadelen van de verschillende vennootschappen en kunnen deze kennis toepassen op eenvoudige praktijkgevallen

D15: Studenten kennen de voorwaarden en gevolgen voor ondernemers van de toepassing van de insolventiewetgeving en kunnen deze kennis toepassen op eenvoudige praktijkgevallen

Beoordelingsinformatie

De beoordeling bestaat uit volgende opdrachtcategorieën:
Examen Praktijk bepaalt 100% van het eindcijfer

Binnen de categorie Examen Praktijk dient men volgende opdrachten af te werken:

  • Vaardigheidsexamen met een wegingsfactor 100 en aldus 100% van het totale eindcijfer. Dit betreft een tentamen.

Aanvullende info mbt evaluatie

In de tweede examenperiode gelden dezelfde evaluatiecriteria en -voorwaarden.

Toegestane onvoldoende
Kijk in het aanvullend OER van je faculteit na of een toegestane onvoldoende mogelijk is voor dit opleidingsonderdeel.

Academische context

Deze aanbieding maakt deel uit van de volgende studieplannen:
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Nederlands-Frans
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Nederlands-Engels
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Nederlands-Duits
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Nederlands-Spaans
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Frans-Engels
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Frans-Duits
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Frans-Spaans
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Engels-Duits
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Engels-Spaans
Bachelor in de toegepaste taalkunde: Duits-Spaans